Decemberlezen

*|MC:SUBJECT|*
Geachte lezer,
Her en der liggen de sporen van de pakjesavond al opgetast; op andere plekken zitten de deuren die doorgaans wijd openstaan potdicht, zelfs de sleutelgaten zijn afgeplakt –  erachter kun je je de adrenaline nog indenken: de lijm! is! op! of wat rijmt er op herfst! of bijenkorf!? Gelukkig volgt met alle marsepein, speculaas en pepernoten ongetwijfeld dat heerlijk avondje. 

In deze nieuwsbrief vindt u een selectie Nederlandse en vertaalde literatuur, met extra aandacht voor Annet Mooijs biografie van Ischa Meijer. Ten slotte: tot eind december is er korting op ansichtkaarten en wenskaarten. Daar kunnen er nooit genoeg van worden geschreven en verstuurd.
Aantrekkingskracht en scheppingsdrang 
Ischa Meijer was beroemd, berucht, geducht en onweerstaanbaar geestig. In zijn duizelingwekkend veelzijdige loopbaan stonden twee grote liefdes centraal: de journalistiek en het theater. Als interviewer met een diepgaande interesse in mensen en een feilloos oog voor hun zwakke plekken en blinde vlekken stuwde hij het genre van het persoonlijk vraaggesprek tot grote hoogte op. In Alles gaat op vroeger terug beschrijft en doorgrondt Annet Mooij op grond van een groot aantal bronnen Ischa Meijers even creatieve als destructieve leven. Al als baby werd hij getekend door een gezinsgeschiedenis. Als baby overleefde hij samen met zijn ouders de verschrikkingen van Bergen-Belsen, waarna hij opgroeide in een getraumatiseerd joods gezin. De onvermijdelijke breuk met zijn ouders werd nooit verwerkt en was de bron van zijn scheppingsdrang. 
De Maxilari’s en de echte wereld
In David Pefko’s De Gebroeders Maxilari dromen de door de weelde en rijkdom van anderen omgeven vijftien- en zestienjarige broers Ze’ev en Levi op een bankje in het Vondelpark over hun toekomst –  terwijl bij hen thuis al jaren een oorlog woedt waarin schuldeisers de deur platlopen en hun moeder haar bed niet meer uit wil komen. Als de broers een vakantiebaantje krijgen aangeboden bij de mysterieuze juwelier Silbernberg verandert hun vakantie in een onverwachts avontuur. Op het moment dat ze tijdens het ordenen van zijn administratie op een blinkende, schitterende en tegelijk bloederige geschiedenis stuiten, voelen ze direct dat niets meer hetzelfde zal zijn. Als de juwelier dan ook nog eens grote plannen met ze heeft, onvoorstelbaar grote plannen naar later zal blijken – begint alles vormen aan te nemen die ze nooit voor mogelijk hadden gehouden.
Objectief goede literatuur
Iets wendde zich in mij, zoals je sommige pennen draait om de punt naar buiten te laten komen – en iets anders dan ikzelf kwam bij de opening van mijn mond en ogen, iets gruwelijks floepte naar buiten. Het krijste. Godverdomme, riep het. Laat me eruit! Wat als je haast per ongeluk door het vlies heen grijpt dat als een beschermlaagje om je leven heen ligt, en daar een wereld vindt die beangstigend is, maar die je naar zich toe zuigt? Bregje Hofstede’s Oersoep is een lyrische leeservaring die bij vlagen meer wegheeft van een trip dan een roman. Via bevallingspijn, rugby, middeleeuwse mystici, en het innerlijke leven van een wortelkiem, onderzoekt Oersoep het verlangen naar zelfverlies in een onttoverde tijd. 
 

Cassandra van Schaijk keerde niet terug van een avondje uitgaan, de verdwijning van het destijds 17-jarige meisje duurde van 24 maart tot 14 april 2007. Maar toen haar lichaam werd gevonden in de Almeerse Noorderplassen, betekende dat eerder het begin dan het einde van een mysterie. Meer dan vijftien jaar later is nog altijd niet opgehelderd wat er gebeurde met Cassandra. Niña Weijers raakte geïntrigeerd door deze zaak, die nooit officieel werd gesloten. Ze sprak met leden van het politieteam, familie, vrienden en andere betrokkenen, en zag hoe ontwrichtend de invloed van een onafgemaakt verhaal kan zijn op de levens van iedereen die er deel van uitmaakt. Hoe meer ze zich met Cassandra vastbeet in het verhaal van het  meisje, hoe meer ze werd geconfronteerd met haar eigen rol als schrijver.

Na de Grote Verhuizing heeft zowat de hele wereldbevolking zich teruggetrokken op het Europese continent. Om het klimaat te redden is de rest van de aarde teruggegeven aan dier en plant. Maar aan de strenge Europese regels en principes heeft de eigenzinnige Aziz zich niet gehouden. In het voorjaar van 2128 vertrekt hij naar de plek waar de aanhangers van de oude wereld broeden op revanche. In De wedergeboorte heeft Erdal Balci diep gegraven in de menselijke ziel, om te laten zien dat het vinden van geluk voor de mens niet minder radicale actie vereist dan voor de redding van de aarde.

Een jongen verstopt zich onder de tafel om zijn geliefde te verrassen, maar besluit er nooit meer onder vandaan te komen. Een vrouw krijgt relatieadvies van buitenaardse wezens en een getrouwd stel vindt een moderne sirene in hun zwembad. Van een knap staaltje gaslighting in een pizzeria tot een negentiende-eeuws liefdesdrama ten tijde van een bloedige revolutie. Liefde en manipulatie, daar draait het om in deze verhalen. Tom Hofland toont met zijn grote, hem kenmerkende vertelkracht in Een stroopgraf voor de bij het menselijk onvermogen om simpel en doeltreffend lief te hebben. Soms pijnlijk ontroerend, maar altijd levensecht.
Er is code rood afgekondigd: de laatste dag van februari zal stervenskoud worden. Toch wordt een grote stad overspoeld door toeristen met Peruaanse mutsen en lieden op deelstepjes. Iedereen is in afwachting van die avond, waarop in de gehele stad een illuster feest zal losbarsten. Maarten van Agtmaals Het objectief beschrijft vierentwintig uur uit het leven van vijf dolende dertigers: Alexia, vertaalster van weerbarstige poëzie, Jessica, tropenarts in opleiding, David, gefnuikt fotograaf op zoek naar de grote liefde, en zijn vrienden Brecht en Reaux. Tegen de achtergrond van een stad die allang niet meer van hen is, laveren zij tussen tijdelijke woningen en kansloze baantjes. Als ijsschotsen botsen hun levens op die ene dag tegen elkaar.
In Eva Meijers Dagen van glas voelt niemand zich echt thuis in de tijd en de tijd zelf bekommert zich niet om mensen. Maar achter het verhaal van een familie die uit elkaar valt, schuilen verhalen over liefde en autonomie, vrij willen zijn en met anderen willen verkeren, die voor elke generatie anders gestalte krijgen. Uiteindelijk gaat het in de roman over de kernvraag van ons bestaan: wat betekent het om goed te leven? Hoe moet je je eigen bestaan betekenis geven, en wat houdt het in om goed samen te leven met anderen? Kunst biedt inzicht en schoonheid, en vriendschap biedt troost. De taal zelf kan het leven anders laten zien. Maar uiteindelijk is dit een vraag die ieder voor zich moet beantwoorden, en dat in elke tijd opnieuw.
Het Bachmann-kwartet
Ingeborg Bachmann (1926-1973) was een van de literaire boegbeelden van de Duitse naoorlogse literatuur. Naast het reeds gepubliceerde Oorlogsdagboek en de Verzamelde verhalen is sinds kort ook Doodsoorzaken beschikbaar. De uitgave bestaat uit drie romans, die hier voor het eerst in één band zijn verzameld, en is een van de hoogtepunten van de naoorlogse Europese literatuur. Malina en de twee onvoltooide romans Het geval Franza en Requiem voor Fanny Goldmann vormen een hechte cyclus waarin op meesterlijke wijze de confrontatie wordt aangegaan met de ziektes die alle menselijke relaties teisteren. Min of meer gelijktijdig zag ook Nerveuze gejaagdheid. Ingeborg Bachmann door de jaren heen het licht. Bachmann staat centraal in de essays van haar vaste vertaler Paul Beers en de Vlaamse germaniste Ingeborg Dusar. Behalve haar proza worden haar gedichten en essays behandeld, alsmede haar nalatenschap. Het boek wordt aangevuld met een tekst die Heinz Bachmann, Ingeborg Bachmanns broer, zevenenveertig jaar na haar overlijden over haar schreef. Nerveuze gejaagdheid geeft een compleet beeld van de intrigerende auteur en is tegelijkertijd een ideale introductie op haar werk.
De Toverberg revisited 
Het is altijd uitzien naar Tokarczuks werk: Empusion is eerste roman die Olga Tokarczuk schreef sinds haar de Nobelprijs werd toegekend. De roman wordt bestempeld als een briljant feministisch antwoord op Thomas Manns meesterwerk De Toverberg. In september 1913 reist student Mieczysław Wojnicz vanuit Lemberg naar een beroemd sanatorium in de bergen van Pruisisch Silezië. Hij neemt zijn intrek in een herenpension, waar patiënten uit heel Europa net als in De Toverberg onophoudelijk met elkaar filosoferen. Onderwijl is Mieczysław gebiologeerd door de vele verontrustende gebeurtenissen die zich in de omgeving voordoen. Wat hij nog niet weet, is dat duistere krachten het ook op hem gemunt hebben.
Haas, Halfbaard en Gyeong-ha
Midden van de negentiende eeuw trekt Clark in De haas door Argentinië op zoek naar het zeldzaamste en meest ongrijpbare dier: de legibriaanse haas. De Engelse natuuronderzoeker en de zwager van Darwin wordt vergezeld door een baquiano en een jonge aquarellist uit Buenos Aires. De reis begint in Salinas Grandes, aan het hof van Cafulcura, en eindigt maanden later op onnavolgbare wijze in Sierra de la Ventana. Ondanks diverse waarnemingen en aanwijzingen is de haas niet gemakkelijk te vinden; woorden blijken in Mapuche- en Voroga-talen meerdere betekenissen te hebben en bovendien moet er ook nog een vermist opperhoofd worden opgespoord. Doldriest combineert César Aira het absurde met het verbijsterende tot een van de meest unieke en briljante romans die de Argentijnse literatuur heeft voortgebracht. César Aira (1949) wordt beschouwd als een van de origineelste schrijvers van Zuid-Amerika.
Österbotten, de 17e eeuw. De Zweedse soldaat Matts krijgt in Maria Turschaninoffs Erfgrond als beloning voor bewezen diensten een pachtboerderijtje toegezegd in het beboste oosten van het rijk. Hij noemt de plek Nevabacka; hij zal de drassige grond met eigen handen bedwingen. De aarde geeft hem voldoende terug, zolang hij in vrede leeft met het bos. Vier eeuwen lang wisselen perioden van oorlog, hongersnood en voorspoed elkaar af. Generaties komen en gaan, er wordt geliefd, geleden, geboren, gestorven. Het bos wordt afwisselend getemd, ontgonnen en angstvallig vermeden. Desondanks houdt de familieboerderij stand. Vierhonderd jaar later arriveert een vrouw met een urn in een stil huis in een nog altijd groot bos. Nu haar moeder er niet meer is draagt zij ook de verantwoordelijkheid voor Nevabacka. Hoewel ze er zelf bijna nooit kwam, voelt ze een diepe verbondenheid met de plek en de natuur. Niet alleen mensen hebben wortels in het landschap, het landschap heeft diepe wortels in ons.
Sandra Newmans Julia is een hervertelling van George Orwells profetische 1984. In dat dystopische jaar uit zijn titel werkt Julia Worthing als monteur op het ministerie van Waarheid in Londen, de belangrijkste stad van Oceanië. Daar heerst de Partij en hun leider Grote Broer. Julia weet te overleven: overtreedt veelvuldig de regels, maar werkt ook samen met het regime wanneer dat haar goed uitkomt. Zo is ze lid van het Antiseks Jeugdverbond (hoewel ze stiekem seksueel actief is). Maar als ze in de ban raakt door haar collega Winston Smith en hem in een opwelling een briefje toesteekt, verliest ze de grip. Julia gaat verder dan het Orwells verhaal over Winston Smith, en extrapoleert hoe de wereld van Grote Broer uitpakt voor vrouwen. Met haar provocerende, levendige en uiterst spannende roman, lees je de klassieker 1984 vanuit een nieuw perspectief.
Sy Baumgartners leven is getekend door zijn diepe, blijvende liefde voor zijn vrouw Anna, die negen jaar geleden bij een zwemongeluk om het leven is gekomen. Baumgartner is inmiddels 71 jaar oud en gaat binnenkort met pensioen, na een roemruchte carrière als fenomenoloog en professor in de filosofie. Hij raakt in toenemende mate verstrikt in spiralen van herinneringen. Die strekken zich uit van 1968, wanneer Sy en Anna elkaar ontmoeten als studenten in New York, via hun gepassioneerde relatie in de daaropvolgende veertig jaar, terug naar Baumgartners jeugd in Newark en het leven van zijn in Polen geboren vader, een mislukte revolutionair en eigenaar van een kledingwinkel. In Baumgartner, geschreven met Paul Austers kenmerkende scherpe oog voor schoonheid in de meest vergankelijke ogenblikken van het dagelijks leven, wordt de vraag gesteld: waarom onthouden we bepaalde momenten en vergeten we andere?
Begin van de veertiende eeuw (jaartal: 1313) komt de 13-jarige Sebi tot de conclusie dat hij niet geschikt is voor een leven als boer of soldaat – hij wil professioneel verhalenverteller worden. Makkelijk zal dat niet worden: de schop van de doodgraver is in Charles Lewinsky’s Halfbaard elke dag te horen en engelen laten zich nauwelijks van duivels onderscheiden. Maar van Halfbaard, een vreemdeling die de oorzaak van zijn bizarre uiterlijk maar mondjesmaat onthult, leert de jongen wat de mensen beweegt – en hoe je ook in barre tijden het beste van jezelf kunt maken. De elkaar vlug opvolgende hoofdstukken schetsen een kleurrijk beeld van het leven in de middeleeuwen en toont met een keur aan spannende verhalen de vaardigheden van de jonge Sebi. De roman is een ode aan de vertelkunst, maar laat ook de manipulatieve kant ervan zien, want aan een goed verhaal wordt vaak meer geloof gehecht dan aan waarheid en werkelijkheid, en dat is heden ten dage, zeven eeuwen later, helaas weer helemaal en vogue.

Romanschrijver Gyeong-ha reist op verzoek van haar vriendin In-seon – die door een ongeluk in het ziekenhuis terecht is gekomen – naar Jeju-eiland om zich over haar vogel te ontfermen die alleen thuis is achtergebleven. Het eiland, van 1948 tot 1954 het schouwtoneel van een burgeropstand die tienduizenden het leven kostte, wordt op dat moment geteisterd door een zware sneeuwstorm. Als Gyeong-ha eindelijk aankomt bij het huis van In-seon wordt zij geconfronteerd met het pijnlijke verleden van haar familie. De oom van In-seon wordt sinds het bloedbad vermist en haar moeder, Jeong-sim, wijdt sindsdien haar leven aan het terugvinden van haar vermiste broer. Ze reist het hele land door en weigert te accepteren dat ze haar broer wellicht nooit meer zal zien. Behalve over de bloedige opstand, is Han Kangs Ik zeg geen vaarwel ook een roman over de reis van dood naar leven, over veerkracht en pijn maar vooral ook over onvoorwaardelijke liefde en het besef dat liefde noch rouw ooit zullen eindigen.

Een H.C. Ten Berge, Een kinderoog
Je raapte eikels voor Boer Frans
die ze aan de varkens voerde.
Hij kieperde het zakje leeg
en vulde ze met goudrenetten.
Best voor appelpent met rijst
en ‘un bonkie fleis d’r baai’ zei hij.
‘Je bent een flinke vent
maar moet  er nog van groeien.’
    We liepen door de boomgaard
het was herfst en nat.
Boer Frans droeg modderlaarzen
en een zakdoek om zijn hals
die bij zijn rode konen paste.
Zijn pet stond scheef, hij nam
grote stappen, praatte plat
West-Fries en sloeg goedig 
op je smalle schouders
als een oude kameraad.
WIE LEEST, VERWARMT DE GEEST
Facebookpagina van Boekhandel Bijleveld
Website van Boekhandel Bijleveld
Instagram
Copyright © 2017 Boekhandel Erven J. Bijleveld. Alle rechten voorbehouden.

Boekhandel Erven J. Bijleveld
Janskerkhof 7
3512 BK, Utrecht

www.boekhandelbijleveld.nl

telefoonnummer: 030-2310800
e-mailadres: boekhandel.bijleveld@gmail.com

U ontvangt deze e-mail omdat u zich ervoor heeft ingeschreven.

Wilt u de instellingen van deze nieuwsbrief aanpassen?
Pas uw instellingen aan of zeg uw e-mailabonnement op.
 






This email was sent to *|EMAIL|*
why did I get this?    unsubscribe from this list    update subscription preferences
*|LIST:ADDRESSLINE|*

*|REWARDS|*

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *